Wat hebben parelmoerwolken met tsunami-slachtoffers te maken?
Op 5 januari 2005 deed zich hier in Zuid-Noorwegen een zeldzaam fenomeen voor. Kort na zonsondergang verschenen er aan de hemel wolken in de meest fantastische kleuren, zogenaamde parelmoerwolken, (zie foto's hieronder). Het fenomeen doet zich voor als er ongeveer een dag lang een zeer krachtige wind tegen de bergen heeft geblazen waardoor vochtige lucht verticaal tot een hoogte van 20 tot 30 kilometer wordt opgestuwd, tot in de stratosfeer dus. Daar bevriest en kristaliseert de lucht en ontstaat er polarisatie waardoor de meest intense kleuren zichtbaar worden.
fotos van parelmoerwolken volgen binnenkort.
Met een paar kinderen van rond de acht jaar stond ik die avond te kijken naar dit fantastische gezicht. Het was een dermate indrukwekkend fenomeen dat de kinderen er vol eerbied en met ontzag naar keken. verticale luchtstijging en de stratosfeer zegt kinderen op die leeftijd niet zoveel dus ik vertelde ze het volgende verhaaltje om het gebeuren voor hun begrijpelijk te maken en om aan te kunnen sluiten bij hun gevoelens.
"Als God merkt dat er veel verdriet leeft onder de mensen dan laat God zien dat hij medelijden heeft. Bijvoorbeeld omdat er iets vreselijks is gebeurd, zoals al die duizenden mensen en kinderen die door de tsunami zijn gestorven. Dan moet de hemelpoort wijder worden open gezet om al die gestorven mensenzielen binnen te laten; zó wijd dat je het licht uit de hemel bijna op aarde kunt zien. Dan wil Hij laten zien en laten voelen dat al die mensen niet verloren zijn en dat hij de harten van de achterblijvende mensen wil vullen met gevoelens van schoonheid en goedheid.
Jullie weten misschien wel dat er ergens een goed mens is gestorven wanneer je een regenboog aan de hemel ziet. Maar een regenboog -als teken van het Goddelijk Verbond- is niet altijd genoeg. Als er iets verschrikkelijks is gebeurd is er wel wat meer nodig. Dus wat jullie nu zien is hemellicht, licht dat door de hemelpoort op aarde schijnt om al die mensen die verdriet voelen te troosten."
Winfried Deijmann, 15 januari 2005